Op 12 oktober 2015 is er een wijkavond georganiseerd door de wijkraad Hoofddorp-Oost. Onderwerp van de avond was onder andere “risicowoningen in Hoofddorp-Oost”. Tijdens de avond konden vragen worden gesteld aan de gemeente. Geconstateerd is dat op sommige vragen een specifieker antwoord gewenst is. Ook is aangegeven dat nagegaan zal worden of de beantwoording van de vragen van invloed kan zijn op het voorgenomen handhavingstraject.

Hierbij zijn  de vragen  en antwoorden die wij van de gemeente ontvingen opgenomen.

Vraag:  De omvang van de brand in de Koning Willem I is geëscaleerd door de aanwezige Polystyreenisolatie;

In de woningen (aan de van de Berghlaan en de Wieger Bruinlaan) waar de dakbedekking is

vervangen zijn de geperste stroplaten en de oude dakbedekking verwijderd. De vergelijking

met de woningen aan de Koning Willem I gaat niet op;

Antw:   De overeenkomst met de Koning Willem I laan is dat de woning scheidende wanden niet zijn

doorgetrokken tot het dakbeschot. Hierdoor heeft de brand kunnen overslaan naar de

naastgelegen woningen. Dat er andere oorzaken zijn die de brand verder heeft kunnen doen

escaleren is een bijkomend gevolg;

Vraag:  De woningen zijn gebouwd volgens de door het college goedgekeurde bouwtekeningen. De

ruimte tussen bouwmuur en dakbeschot is daarop te zien. Deze ruimte is nodig voor ventilatie;

Antw:   Voldaan moet worden aan de geldende regels van het Bouwbesluit 2012. Voor de ventilatie

van de woningen moet een andere oplossing worden gezocht. Hiervoor kan zo nodig advies

ingewonnen worden bij een daartoe deskundig bedrijf;

Vraag:  Er is jurisprudentie waarin is vastgelegd dat het dichtzetten van de scheidingsmuur ongedaan

moet worden gemaakt vanwege het verstoren van de ventilatie;

Antw:   De aangehaalde jurisprudentie is ons niet bekend;

Vraag:  Tijdens de avond wordt verwezen naar het onderzoeksrapport van Save aan. Het moet de

gemeente dan ook bekend zijn wie verantwoordelijk en aansprakelijk is voor het gebrek;

Antw:   Wij hebben het rapport van Save uiteraard bestudeerd. In het rapport is onder andere de

aanbeveling gedaan dat als primaire maatregel voorop staat dat de bouwkundige scheidingen tussen woningen van voldoende kwaliteit moeten zijn; daarbij wordt gepleit om een minimale

WBDBO eis te hanteren van 30 minuten. Op grond van het Bouwbesluit 2012 hanteren wij de

minimale eis van 20 minuten voor bestaande bouw.

Vraag:  Volgens de in 1962 geldende bouwverordening moesten de scheidingswanden

ononderbroken doorlopen tot ten minste de onderkant van het dakbeschot of de

dakbedekking. Doordat het college de bouwvergunningen heeft goedgekeurd hebben de

bewoners jaren in een brandgevaarlijk huis gewoond; Van de gemeente worden excuses en

een goede oplossing verwacht;

Antw:   De eigenaar van een woning is te allen tijde gehouden te voldoen aan de van toepassing

zijnde regelgeving. De gemeente moet bij het houden van toezicht op nakoming van de regels

prioriteiten stellen. De gemeente aanvaart geen aansprakelijkheid voor het niet naleven van

die regels.

Vraag:  Als de gemeente gaat handhaven wordt verwacht dat zij zich houden aan het Bouwbesluit 2012

De woningen aan de Wieger Bruinlaan en de Van den Berghlaan hebben gipsplaten

plafonds welke zijn voorzien van een stuc laag. Hiermee wordt voldaan aan de 20 minuten

WBDBO-eis van het Bouwbesluit;

Antw:    het Bouwbesluit 2012 bepaalt dat (sub)compartimenten moeten zijn gescheiden. Ook wanneer

het plafond een brandvertragende werking van 20 minuten heeft, kan brandoverslag of

branddoorslag niet voorkomen worden. Volgens het Bouwbesluit 2012 moeten woning

scheidende wanden voldoende brandwerend zijn;

Vraag:  Er wordt een beroep gedaan op het rechtens verkregen niveau.

Antw:   Het rechtens verkregen niveau kan nooit lager zijn dan de regels die voor bestaande bouw

gelden. Wij hanteren de minimale eis die het Bouwbesluit stelt.

Zoals eerder aangegeven zullen wij vanaf januari 2016 het handhavingstraject gefaseerd in aanzetten. De hierboven genoemde vragen brengen daar geen verandering in. Uiteraard gaan wij ervan uit dat woningeigenaren, voor zover zij dat nog niet hebben gedaan, hun verantwoordelijkheid nemen en er voor zorgdragen dat aan de wettelijke eisen wordt voldaan.

Getekend door Mw. Mr. H. van Donge, Gemeente Haarlemmermeer.